15/06/2010

Boze voeten

.Omdat ik er gisteren behoorlijk doorheen zat rijden we vandaag wat minder. Eerst maar eens de stad achter ons laten. Dat gaat gelukkig vrij snel.

De route gaat langs Mauthausen. Nou... denk maar niet, dat ik daar een kijkje ga nemen. Ook al zegt het bord aan het begin van het dorp: Herzlichst Grüss Gott in Mauthausen.
Wegwezen hier. Door en voort gaan we.

We nemen steeds de zuidoever en hebben daardoor een prachtgezicht op de mooie rivier. En op velden vol bloemen.
 



 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Onze volgende pleisterplaats is Grein. Daarvoor moeten we de rivier oversteken. Er is een enorm hoge brug, waar je je fiets tegenop moet duwen, best zwaar.
Als beloning kopen we bij de supermarkt een lekker biertje voor straks.
 
 

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Dan gaan we in het dorp op zoek naar Pension Martha, waar we een hele mooie grote kamer krijgen met een heerlijke douche, waar ik heel lang onder ga staan, want ik ben ka-pot, ook al hebben we vandaag dan wat minder gefietst… Mijn billen willen niet meer en mijn voeten zijn boos.





 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Maar… na de lange massage en een warme douche voel ik me helemaal appie-kim en kan ik de hele Donau tot aan Bratislava én weer terug op m’n dooie akkertje binnen een uurtje fietsen!

.

14/06/2010

Quo Vadis?



We zijn de eerste klantjes van de “goeroe” en het is heel rustgevend om niet meteen te gaan fietsen, maar eerst langzaam de Donau over te varen.

Het fietst heerlijk, langs het water. Het is heel stil, iedereen zit waarschijnlijk nog aan de koffie, en we tuffen rustig richting Linz. De wind duwt een beetje mee. En we gaan stroomafwaarts, ook al zo prettig. 


 












Al fietsend kun je om je heen kijken en van alles zien. Bij elke brug afstappen...
Het fluitekruid staat hier volop te bloeien. Alles in de natuur is veel verder dan bij ons. De meeste bloesems zijn al uit de bomen, maar ik zie toch nog een enkel perebloesempje... En soms ineens een gehele appelboom in bloei.
De kastanjes met volle kaarsen staan ons na te kijken, alsof ze zeggen willen: waar ga je heen, quo vadis?

Wat ik heel leuk vind zijn de dorpjes, waar je af en toe door heen rijdt. Je kunt er lekkere koffie drinken, even pauzeren. Een kerkje in om een kaarsje te branden.



 









Tegen de tijd, dat we Linz naderen moeten we helaas de weg delen met de auto’s. Die scheuren hier zo erg, dat we oordopjes indoen.
Maar dan zijn we in de stad en is het geluid “normaal”, tenminste voor een stad.

We zoeken ons hotelletje op: “Der wilder Mann” en na een lekkere douche gaan we de stad verkennen en iets te eten halen.















(Henry speelt Mozart, die gehaast zijn huis uit komt, in Linz...)


.

13/06/2010

De goeroe van Obermühl

.



.

 











Gelukkig is het droog, wel koel maar droog!
Fietsen langs de Donau, dat wil ik al zo lang en nu is het dan eindelijk zover.
Eerst even wennen aan de bagage, en aan de benen die nog niet helemaal willen, maar dat gaat helemaal goed komen.
Ons fietspad voert ons dwars door de oude binnenstad van Passau. Ik zie in de gauwigheid: “dein Fernseher lügt” met blauwe letters op een muur geschreven. 






 












De zwaluwen scheren over het water. Meestal betekent dat niet veel goeds. We wachten maar af.

Bij Kasten gaan we aan de koffie. Streusselkuchen  erbij (met rabarber!) en genieten maar.
Even verderop is een klooster, waar een soort van likeur wordt gebrouwen. Er wonen Kapucijner monniken, die nooit wat zeggen, schijnt het. Ik zie er eentje bezig in de tuin met een grijze cape om. Inderdaad: hij zegt niets.  We gaan de kloosterkerk in: ik wil altijd overal even een kaarsje branden. Als we weer buiten komen is het toch gaan regenen. De nieuwe regencape wordt nu ingewijd en doet het fantastisch!

Het regent gestaag door: geen grote druppels, maar van die fijne meiregen, waar je van gaat zingen: “I’m singin’ in the rain”... En “Meiregen maak dat ik groter word” wat mijn moeder wel eens zong.

Bij de Donau-Schlinge, een enorme bocht in de rivier, is het droog en een heerlijk fietspad brengt ons bij de veerpont. 
















De veerman zegt, dat regelmatig naar Nepal reist en daar een goeroe is... ja hoor, 't zal wel...
Maar hij brengt ons nu wel mooi naar de overkant, naar Obermühl. Daar is ons eerste hotelletje: Gasthof Aumüller. 















Hier gaan we straks een lekker visje eten... en vannacht heerlijk slapen tussen de schone frisgestreken lakens!



11/06/2010

Fietsen langs de Donau

.

Dag huisje! We gaan er weer van tussen! Tot ziens in oktober!

We rijden met de auto de berg af en zoeven naar Passau. Onderweg komt het met bakken uit de lucht. Ik voorzie morgen tijdens onze fietstocht natte kleren en koude tenen.
In Passau rijden we meteen naar ons hotel het Rotel Inn, een soort van sigarendoos aan de Donau.
De kamers lijken ook op sigarendoosjes: het bed is precies tussen de muren in gebouwd
Je moet erin kruipen om te gaan slapen én om de Donau te kunnen zien. 
Te klein om lang binnen te blijven, dus we gaan de stad maar eens verkennen. 

Het is een mooie oude stad, goed verzorgd en schoon. Ik ben naarstig op zoek naar straatschrijfsels en vind er zowaar een paar!

Dan halen we een salade voor op de kamer en later op de avond gaan we met een wijntje naar boven naar een soort van kantine.

Een spelletje rummycup erbij en langzaam maar zeker voegen zich andere mensen bij ons in het zaaltje. Allemaal krasse knarren, die morgen waarschijnlijk ook langs de Donau naar Wenen gaan fietsen. 

’s Nachts word ik wakker van onze jonge buurtjes, die zijn wezen stappen. Ik baal ervan en de volgende ochtend, als ik naar de wc ga gooi ik ook eens lekker met de deur.
Flauw, ik weet het... heel flauw, maar ik doe het lekker toch... 

Na het ontbijt hangen we de fietstassen aan onze bagagedragers en kunnen meteen vertrekken, want het hotel ligt aan ons prachtige pad: de Donauradweg *klik* naar Wenen.

En... het is droog! Ik heb er zin in...

10/06/2010

Jarig op de berg


.

Ik word jarig wakker. Alweer een jaartje ouder.
Ik hoor Henry zachtjes het Beatle-liedje zingen: "When I’m 64..."
64! Sixty-Four!!! Halleluja, zo oud al weer. Hellep, kan ik nog terug??!
Ik voel me helemaal niet 64, ik ben namelijk nog steeds 33.
Van Roosje is er een fijn pakje met allerlei moois er in. Ik ben helemaal ontroerd als ik de kadootjes en de tekeningen van de kleinkindjes zie…



 








 
Na het ontbijt wordt ik naar het dorp beneden “ontvoerd”.
Onze buurvrouw Sarah heeft daar een klein sieradenwinkeltje en als we voor haar deur stoppen zegt Henry: “Hier mag je wat uitzoeken, het maakt niet uit wat het kost…”
Het wordt een hele mooie ketting met turkoosjes. Ik houd ‘m meteen om.

Dan gaan we naar Frauental, waar we bij de Konditorei van Leitner op de koffie gaan met… overheerlijke tamme kastanjetaart. 















De Konditorei is de beroemdste uit de omgeving. En de taart is zo ontzettend lekker, dat je je vingers er bij opeet…

Maar niet voor lang, want we hebben nog een verrassing in petto: 















we rijden via smalle bosweggetjes naar Toni’s Fischerhütte, een houten restaurant, dat boven op de Lassnitz is gebouwd en waar je de lekkerste forelletjes van de wereld kunt eten.
Het is er lekker warm. De houtkachel brandt en voor een doordeweekse dag is het er gezellig druk. 


 











We proosten op onze gezondheid en nemen een overheerlijk forelletje, dat in knoflook gezwommen heeft. Dit is zo ontzettend lekker, dat proef je nergens zo verrukkelijk!De hele dag door krijg ik lieve sms-jes...Ik voel me nu wel heel erg jarig. Ach wat… 64! Schitterende leeftijd, toch?!

Lieve Henry, dank je wel voor deze heerlijke, bijzondere dag. 
.

09/06/2010

de Vogelgids van Dorrestijn

.


Mijn broer weet alles van vogels.
Hun namen en hun gewoontes. Hoe ze nestelen en wat ze eten.
Komt er een kleine sodemieter op de rand van het balkon zitten, dan weet hij meteen wat het er voor een is.
Ik weet er ook wat van, maar niet zoveel als hij.















Bij de plaatselijke timmerman, Franzl Kiegerl, heb ik een mooi solide vogelvoederhuis gekocht.
Henry heeft het links onder het dak opgehangen, maar toen we merkten, dat we wél steeds vogelvisite hadden, maar de beestjes nooit zagen heeft hij het huisje op de balkonrand bevestigd.














Ik zie er voornamelijk Koolmeesjes rijkelijk dineren, maar er was er toch ineens een heel klein mooi vogeltje. Het had een zwart koppie en pikte schielijk de stukjes kaas die we voor hem hadden neergelegd.
Ik ben natuurlijk gauw gaan kijken in het vogelboekje wat hier ligt: DORRESTIJNS Vogelgids. Florian heeft het hier vorig jaar neergelegd met de bedoeling er eens goed in te gaan studeren.


















Het is echter niet zo’n gids, waar je heel gemakkelijk het vogeltje in vindt, wat je zoekt.
Natuurlijk weet ik allang dat het bewuste bezoek aan het voederhuisje een Matkop is.
Maar vind dat maar eens in Dorrestijns vogelgids. Ik denk dat het toch meer een boekje over hemzelf is, dan over vogels...
En dat maakt het tot een geestig boek, waar je regelmatig al lezend hartelijk om moet lachen. Van A tot Z worden er vogels besproken of situaties waarin ze voorkomen.
Het is een heerlijk boek, maar als je een goeie gids zoekt kun je (volgens Dorrestijn zelf) beter de ANWB vogelgids er op na slaan…

Boven de wouden
hield een buizerd met vijf accolades
de wind bij elkaar


.

08/06/2010

Am Jägersteig

.
Ons huisje ligt aan een pad, dat "Am Jägersteig" heet.
Het is een stil pad, aan de rand van het dorp en voert naar het dorp beneden. Een heerlijke wandeling van een paar uur…

Vroeger zullen hier wel veel jagers het pad gebruikt hebben, waarom zou het anders Am Jägersteig heten?



















Als Henry en ik de wandeling naar beneden doen komen we langs een veldje, dat steil omhoog gaat.
En onderaan dat veldje staat een soort van jagershutje. Ik zie daar in gedachten twee jagers zitten. Doodstil met allebei een geweer.
En dan… ineens komt er een schattig reetje uit het bos gehuppeld en graast een beetje links, een beetje rechts.
Maar niet voor lang want: Pang!! Daar wordt het geraakt door de kogels van de jagers. Het wankelt op zijn ranke pootjes en valt neer.


Ook al is het maar een gedachte, we vinden het tóch allebei een klerestreek.
En Henry loopt naar het hutje toe. Hij trekt de planken er van af en smijt ze in een hele grote boog het bos in.
Weg hutje!
Zo… wat zullen ze op hun neus kijken, de jagers met hun dodelijke wapens.
We lopen gniffelend verder.


Helaas zien we op onze wandeling nog een stuk of wat van die stiekeme hutjes.
Er is geen beginnen aan.

Nou maar hopen, dat de hertjes zich niet te grazen laten nemen…





















.

07/06/2010

Indië in Schalkwijk


.

Gisteren hebben we de nieuwe cd ten doop gehouden in Haarlem-Schalkwijk in een propvol kerkje, waar het niet alleen warm was, zoals in Indië, nee… het kookte er …

Als we al zingend de zaal indwarrelen voel ik me alsof ik in de dessa ben. Het zweet parelt van mijn voorhoofd. Zo klam… zo heerrrrrlijk warrrrrm.

Er zijn vrij veel mensen met een Indisch uiterlijk, die vol verwachting hun mooie gezichten naar ons opheffen.

Ik zie Anita, de buurvrouw van een van de koorleden, vóór het concert al in dikke tranen. Een Indisch kampverleden, hoor ik later.

Voor veel mensen is Indië heel beladen. De kampen, waar ze gevangen gehouden werden door wrede Japanners. Waar een band ontstond, die nooit meer kapot gaat. Waar de liederen ontstaan zijn, die wij met ons stemmenorkest zingen.

Adoe seg, jij ook hier?? So leuk, nja…



We beginnen met een aantal liederen van de Song of Survival: de nieuwe wereld van Dvorzak, Jesu Joy of man’s desiring, The Captive’s Hymn.
Nog een speciaal ingestudeerd lied: Die Gedanken sind frei. Ja, zo is dat! Niemand kan bepalen wat jij denkt. Ook al word je opgesloten in een donkere kerker: je gedachten breken door de muren heen naar buiten.

Leny is zo inspirerend aan het zwaaien, ik vind het geweldig zoals ze dat doet. Ze kneedt en boetseert ons naar de juiste tonen en emoties.
Ik moet wel goed naar haar blijven kijken, want als ik het publiek inkijk, naar die huilende mensen, dan kan ik niet meer zingen.

De liederen van de cd worden ook gezongen. Het Indische Onze Vader, waar het allemaal oorspronkelijk om ging, heel mooi met onze soliste Maria en daarna Terang Boelan, Nina Bobo, Boeroeng kaka, Nona manis en Toean dan njonja.



Helemaal blij ga ik na afloop ons eigen Fluitenkruidje even dag zeggen. Fijn, dat je er was, Jannet! Ik ben blij dat je genoten hebt. Daar doen we het voor!!!


.

03/06/2010

Dorrestein op de berg

.






















Henry en ik zijn allebei weg van de boeken van Renate Dorrestein.
Eens hebben we tijdens een wandelvakantie in Schotland een boek van haar aan elkaar voorgelezen.
Eerst hij twee bladzijden en dan ik.
Soms was ik zo ontroerd, dat ik even niet door kon lezen, een beetje moest slikken voor ik weer verder kon.


Nu er zijn weer twee boeken van haar meegenomen om hier op de berg lekker in te lezen.

Natuurlijk haar laatste boek: De Leesclub.
Het verhaal gaat over een groep vrouwen, die een cruise gaat maken in de geest van Captain Ahab (Moby Dick) op de Schotse wateren.
Wat een heerlijke schrijfstijl heeft ze toch. Zo lekker eigenwijs ook, dit boek, dat helemaal tegen de conventies in is geschreven.
En het leest zo lekker weg…
Ik heb er smakelijk om moeten lachen en thuis ook om de interviews die ik van haar op tv over dit boek heb gezien.

Het andere boek, dat we meegenomen hebben is: Het Geheim Van De Schrijver. Volgens Henry haar een na beste meesterwerk.
















We lezen er af en toe in om de kunst van het schrijven beter onder de knie te krijgen.
Inderdaad een heel goed boek, vol geheimen, die verklapt worden.
En wat is dan haar beste werk? Dat is het boek, dat we tijdens onze wandeltocht in Schotland aan elkaar voorgelezen hebben: Een Hart Van Steen.



























Mocht je dit boek eens te pakken krijgen, lees het dan en laat me weten wat je er van vind...


.

02/06/2010

Een nieuw slaapbankje

.

Het is al 9 uur als we ons warme bedje uitstappen.
Waarom zo laat, zul je je afvragen?

Wel… ten eerste is het vakantie en ten tweede zitten we … in de wolken!

We leven in een kleine wereld, alles is wit om ons heen.
Het dorp beneden kunnen we niet zien.
De rand van het balkon is de einder.


Tja, wat kun je daarmee? Nou, eerlijk gezegd: niet veel.
Je kunt niet wandelen of fietsen.

Buiten een beetje grasmaaien of snoeien is er ook niet bij.
Hout hakken en kloven ook niet…

Nee, er zit niets anders op, dan slecht-weer dingen te gaan doen: brandhout bestellen, ansichtkaarten kopen en het slaapbankje halen.

Dat lijkt eenvoudig, maar dat is het mooi niet.
Voor een simpele ansichtkaart moet je 9 kilometer bergafwaarts rijden.

Om hout te bestellen tel je er nog een kilometertje of 10 bij op en om een slaapbankje te kopen moet je nog weer een kilometer of 40 verder rijden.
Wij beschouwen dat als leuke uitjes.
We gaan uitgebreid koffie drinken, we kijken of we ergens kunnen internetten en we kopen een lekker vers brood en een krantje.





























Ik weet al wat voor bankje we gaan halen, want dat heb ik op internet opgezocht. Maar zal het achterin de auto passen? Dat is maar net de vraag!
En kan ik het mee helpen tillen… dat is weer een andere vraag, want eerlijk gezegd heb ik geen sterke rug en helaas helemaal geen sterke armen.
Maar het lukt!
Samen tillen we de hele bende in de auto en de klep kan zelfs dicht!


We rijden via de Eissalon naar boven.

Inmiddels is de wolkenpartij gaan lekken en als we bij het huisje aankomen regent het dikke pijpestelen…




























"Ach kijk die twee daar toch eens zitten..."

.

01/06/2010

Fietsen in het donker

.

Ja… als er over twee weken langs de Donau gefietst gaat worden en elke dag een kilometer of 60 gereden gaat worden moet er toch een beetje getraind worden.

Maar ja… wanneer?

Na het avondeten pakken we de fietsen en duwen die de helling vanaf het huisje omhoog.

Bij Lydia brandt al licht en er komt een flinke rookkolom uit de schoorsteen, dus ik zeg: ”Zullen we Lydia even gedag gaan zeggen?”
Lydia is onze buurvrouw, waarmee we een fijn kontakt hebben. Ik neem altijd iets voor haar mee: een stuk kaas, of… zoals nu een mooi blikje met stroopwafels.
Ze omhelst ons hartelijk en we spreken af om aanstaande zaterdag bij elkaar te gaan borrelen.
Hermann wordt ook nog even van boven geroepen en die lacht verlegen naar ons en zegt: “Wir hatten gestern schon Licht gesehen!”


Dan fietsen we ons “trainingsrondje” en dat valt al met al best tegen.
Het weggetje langs de vrijwillige brandweer (“Heilige Sankt Florian, schütz dieses Haus und zünd die Andere an!”)
lijkt normaal gesproken gewoon vlak, maar nee hoor… het is een helling!

Daarna nemen we de hoofdweg richting Ella. We moeten de lichten aandoen, want het begint al aardig donker te worden.
Als we enorm hard naar beneden sjezen spookt er door mijn hoofd: dat moet ik straks wél allemaal terugfietsen!!!

Bij het weggetje naar de Duizendjarige Linde keren we weer om en gaat het inderdaad omhoog.


Volhouwen Lou !!!
Mijn hart gaat tekeer terwijl we het hele stuk weer omhoog fietsen, maar dan zie ik het bord van het dorp oplichten in de lampen van onze fietsen: Trahütten.
Nog een klein stuk naar het huisje en dan stap ik voldaan en buitengewoon tevreden van mijn fiets af.

Het huisje is nog lekker warm. Kopje koffie en een spelletje…


.

31/05/2010

Twee tractoren op één dag

.















Het hulpje van Peter komt de drie bomen ophalen, die een paar jaar geleden met een hevige storm (“Erste Paula”) omgewaaid zijn. Met de grote trekker. Een kersenboom en twee dennen.

Hij wikkelt om elke stam een zware metalen ketting en trekt de drie stammen uit de tuin de heuvel op naar boven. Onderweg schraapt hij het weggetje kapot.
Hij raust overal tegenaan. Ik hou m’n hart vast
.














Ik kijk hem na als hij over het bospad verdwijnt met de drie stammen achter zich aan.
Schraap… schraap…
Het hoeft toch niet zo grof, of wel?

Nee… het hoeft niet.
’s Avonds wordt het hout gebracht, dat we hebben besteld bij een boer verderop.
Hij komt met de tractor aangereden en stopt en geeft een hand.
“Waar zal ik het hout leggen?”

Ik wijs hem de plek aan, waar het voor ons het gemakkelijkst is.

Hij manoeuvreert zijn trekkertje zodanig, dat de bak precies kan kiepen op de plek die ik hem aanwees.















Zo handig en zo voorzichtig als hij dat doet.
“Sie sind ein Künstler” complimenteer ik hem.
Hij glundert er van.
En dan kiepert er één kuub mooi brandhout op ons erf.
Voordat hij wegrijdt krijg ik nog een hand van hem.
Een vrolijke zwaai en weg is hij.














We beginnen meteen met stapelen…

Twee tractoren op één dag. Een wereld van verschil.


.

30/05/2010

Peter en de koeien

.

Het is mei, dus de koeien mogen de wei in.

Ik hoor kabaal en gedoe op het paadje achter het weiland en ga even kijken.

En ja hoor! Daar is Peter bezig drie koeien uit een aanhanger te laden.

Twee koeien willen er wel uit, die doen al snel hun dans in de heerlijke buitenwereld, maar de derde weigert en bokt en trapt.

Peter roept naar mij, dat hij nog een keer terug komt en rijdt met de onwillige koe terug naar de boerderij.

Ik snap het niet helemaal tot ik een praatje maak met zijn broer Heimo, onze buurman. Deze zegt, dat Peter het deze zomer wilt proberen met vier koeien in de wei, in plaats van zoals andere jaren met drie. Ja… nu snap ik het, hij gaat de vierde lokken met de bokkige koe en brengt ze dan naar hun zomerverblijf hier bij ons in de wei.










Als ik weer herrie hoor en er naar toe loop ben ik net op tijd voor de koeiendans van het tweetal, dat net gebracht is.

Peter zwaait vanaf de tractor en sjeest er vandoor. Er is in deze tijd veel te doen. Alle koeien moeten weggebracht worden naar hun eigen weitje om daar hun kalfjes te krijgen, ergens in juni.











Ik hoor een koeiebel… Ik vind het altijd zo’n heerlijk geluid, pling-plang-kling-klang…

En maar grazen en kauwen. Zwaaien met die staart, heen en weer. Een stapje vooruit en weer een nieuwe pluk gras, waar de tong omheen geslagen wordt.

En dan knielen de twee voorpoten neer, het achterlijf zakt en met een diepe zucht is het tijd om te herkauwen of een tukje te doen.

Deze koeien hebben het zo zwaar nog niet…



.

28/05/2010

Schnee von gestern

.


Het leuke van omgaan met buren is dat je er zo’n lol mee kunt hebben en… dat je er van alles van kunt leren.
Een van onze buren heet Fritz, een man van een jaar of 78 . Hij woont al 20 jaar alleen in het huis naast dat van ons.
Als we in Trahütten zijn gaan we hem altijd begroeten, met iets lekkers uit Holland en maken meteen een afspraak om even gezellig bij te kletsen met een glaasje wijn.
Vanmiddag zijn we bij hem op bezoek. Hij heeft Apfelstrudel gebakken en de wijn staat klaar. En… de pantoffels! Grote vilten pantoffels staan bij de voordeur klaar.
Het is namelijk pokkeweer en we nemen een hoop derrie mee aan onze schoenen, die we uitdoen. Nu gaan de lekkere warme pantoufles aan… van die mooie grijze vilten voetwarmers. (Ik wil ze ook!!!)

Voorzichtig de trap af naar beneden naar de tuinkamer, inschenken en… kletsen maar.

Dat kun je wel aan Fritz overlaten. Hij is een gezellige, onderhoudende gastheer.
Er wordt veel gelachen, en als Henry Molière aanhaalt: ”Als je lacht gaat je hoofd open…” , zegt Fritz, dat hij Molière gelezen heeft, en zelfs, dat het een van zijn favoriete schrijvers is…


Ik vraag naar twee vrienden van hem, die we een aantal keren bij hem ontmoetten. “Ach… das ist Schnee von gestern…” Ze zijn nog wel bevriend, maar niet zoals vroeger.
Ik vind het een gave uitdrukking: het zegt vrij veel!

Wat ik ook een mooie uitdrukking vind: “Er macht zuviel Wasser”. Dat betekent zo ongeveer, dat iemand teveel drukte maakt om niks.
Ja, leuk, zo’n kontakt. Een beetje bijpraten. Oh! We hebben een nieuwe burgemeester. Het huis van die en die is verkocht en verder gaat alles hier heerlijk z’n rustige eigen gangetje…
En... Fritz is verliefd! Hij krijgt een kleur als hij het aan ons vertelt...


.

27/05/2010

Brandnetelsoep in zeer dichte mist

.

Als we wakker worden ontdekken we, dat we in een dik, wit wolkenpakket zitten.
De wereld om ons heen is wit.
Je hoort niets, geen zuchtje wind.
Er is alleen die witte muur om je heen.

De boerderij van buurvrouw Lydia is niet te zien.

De koeien van Peter staan met hun glimmende lijven op het hellinkje een beetje suf voor zich uit te staren.


Omdat het hout vandaag geleverd wordt gaan we de opslagplek waar we het straks in gaan stapelen een beetje opschonen. Er liggen nogal wat stammetjes, die verzaagd moeten worden, zodat ze straks in de oven en in de kachel passen.

En er moet gekloofd worden.
Met die dikke mist is dat een prima klus, je kunt toch geen kant op. Henry zaagt en klooft en ik stapel en hark.

In de mist zitten vette regendruppels, die zich laten vallen, net op het moment dat we klaar zijn.
De houtman gaat nu niet komen. Die rijdt niet met regen. En ook niet met sneeuw.

We gaan de haard aanmaken en zitten er lekker bij te lezen.
Henry leest: De Leesclub van Renate Dorrestein. Af en toe zit hij wat te gniffelen.

Ik lees Davita’ s harp van Chaim Potok. Niks te gniffelen. Ernstig boek. Niet om lang in te lezen.

In de stromende regen ga ik brandneteltopjes voor een soepje verzamelen. Echt bio uit eigen tuin!
Het is prettig om in die dichte mist te lopen plukken en dan van die vette regendruppels op je kop te voelen.
Zeiknat kom ik weer binnen.
Henry is nog steeds verdiept in De Leesclub, maar als hij hoort, dat er soep gemaakt gaat worden veert hij op.



Brandnetelsoep in zeer dichte mist. Lekkerder kan bijna niet.

.

26/05/2010

Koude melk

.
















Het huis, dat mijn ouders in het dorpje huurden, heette de Kortschak-villa, naar de oprichter van het dorp, die daar ooit heeft gewoond. Wij gingen er voor het eerst rond 1960 op vakantie.


Er was nog geen waterleiding. Het was twee emmertjes water halen, om de beurt, bij de bron die zich achterin de tuin bevond.
Er was geen elektra, geen gas
en helemaal geen ijskast.
Gekookt werd er op een enorme houtoven, waar mijn moeder de scepter zwaaide.
Ze was er goed in, want het eten was altijd lekker.













Maar wat ik niet lekker vond was: de melk.

Mijn drie jaar jongere broer Florian en ik haalden elke avond een emmertje melk bij Jagebauer. Dan hielpen we met stront vegen, terwijl de koeien gemolken werden.
We konden de melk zo onder de koe vandaan meenemen.

Als het 7 uur was hielpen we de broer van de boer met klokluiden, totdat we ons daar zo misdroegen, dat we er nooit meer mochten komen.
Het klokgelui klopte niet en de mensen begonnen te klagen!


Als we weer thuis kwamen was het al bijna donker. We stonken een uur in de wind.
Een douche??? Die was er niet. Gewoon poedelen bij de bron.

De melk vond ik vies. Bah! Lauwe stinkmelk…
Op een dag hagelde het zo erg, dat we moesten uitkijken, dat we de stenen, als eieren zo groot, niet op ons kop kregen.
Dat was jammer: Florian en ik waren immers altijd buiten. Maar goed… ook een hagelbui duurt niet eeuwig en toen mochten we er op uit. Met emmers gingen we de hagelstenen rapen. Massa’s hagel-eieren!
En wat deden we er in: de lauwe melk!


Het melkemmertje werd in het ijs gezet en niet lang daarna……...........................

de hemel op aarde:

KOUDE MELK!!!



.

25/05/2010

Haus Eduard















(Lekker bende achterin de auto!)

Om een uur of half twee arriveren we bij het huisje: Haus Eduard, na een fantastische reis.
We hebben uitgerekend, dat we 50 kilometer onder de grond hebben gereisd!
In 31 tunnels…

En het was zo rustig op de weg, dat je de Berlingo lange stukken op de automatische piloot kon zetten. Dat is heel prettig en je wordt er niet moe van…

Bij aankomst worden we meteen begroet door Georg, onze Griekse buurman, die ons al heeft zien aankomen en opspringt om ons welkom te heten.
We spreken meteen een wijntje af.

Het aansluiten van de waterleiding gaat dit keer niet zonder slag of stoot, omdat er 2 “geheime” kraantjes nog open staan.
Even een beetje sacherijn en dweilen en gewoon verder gaan. Niet mee zitten…

Tassen uitpakken en bedden opmaken.
Koffie met een soort van jenevertje, dat iemand heeft laten staan, buiten aan tafel voor het huisje.
Er bloeien heel veel Maagdenpalm en Bosanemonen vlak voor onze neus. Prachtig. Adem maar eens diep in… dit is de lucht die zo goed is voor je longen!

Henry gaat na het borreltje aan de slag: gaatje in badkamer dichten, kraan onklaar maken, sleutel van de achterdeur vijlen en pasklaar maken.
De kachels snorren en alles is thuis…

Roosje en Kaleb hadden een heerlijke fles witte wijn en twee biertjes voor ons neergezet en al gauw proosten we op het veilige rijden en de goeie thuiskomst.

Als ik zo voor het huisje een beetje voor me uit zit te mijmeren besef ik eens te meer, wat voor geluksvogel ik ben!
Ik brand meteen een kaarsje voor mijn ouders en zusjes…


.

24/05/2010

LEEG!

Vlak voordat we naar Oostenrijk vertrokken gluurde ik even in het mezenkastje, omdat ik benieuwd was of er nieuwe huurders waren!
Ik schrok me rot, toen ik een vogeltje zag zitten op het nest: dat had ik niet verwacht...
Gauw heb ik het dakje weer dichtgedaan. En toen ik heel zeker wist, dat er niemand binnen was heeft Henry gauw een foto gemaakt: 9 eitjes lagen er en ik had niets gemerkt, geen bouwactiviteiten, niks.
Dat hebben ze mooi gedaan, die twee kleine sodemietertjes...













Terwijl ik op vakantie was zijn de eitjes uitgekomen en werden de jonkies lekker vet gemest.

Gisteren zijn we terug gekomen en terwijl we aan de champagne zaten om de veilige thuiskomst te vieren vlogen de beide mezenoudertjes af en aan met allerlei lekkernijtjes voor hun kroost.



















Eén van de jonge vogeltjes zat heel brutaal steeds naar buiten te koekeloeren en stak er soms zelfs met z'n halve lijfje uit. Helemaal niet bang en heel nieuwsgierig naar de wereld buiten het donkere kastje.

Ineens nam het de gok: vliegen! En het vloog schuin omhoog naar de esdoorn in de tuin van de buren.
Omdat het al avond was vond ik dat wel een gevaarlijke vlucht van het beestje.
Meestal vliegen ze namelijk 's ochtends uit.
De ouders bleven heel lang weg en we dachten, dat dit misschien de laatste was die uitvloog.


















Gauw even het dakje opgetild en gekeken: oh jee... nog 8 jonge vogeltjes.

De ouders kwamen weer voeren en vlogen af en aan en in een hele lange pauze, waarin ze waarschijnlijk het uitgevlogen jong begeleidden, hebben we gauw een foto gemaakt.

Vanmorgen heb ik me in de waranda geïnstalleerd.
Ik zag geen enkele beweging, dus ik dacht: die zijn uitgevlogen!
Maar toch, even later kwam er een oudertje met iets in het bekje.
Het hing even aan de rand voor de opening, keek een paar keer naar binnen en vloog toen weer weg.
Wel gek vond ik dat.
Toen, niet lang daarna, zag ik datzelfde oudertje, dat een jong aan het lesgeven was:
"Kijk jong: hier is een struik, waar je heel veel rupsjes kunt vinden. Haphaphap, zo doe je dat. Doe mij maar na!
En hier heeft de vrouw vanmorgen een vers vetbolletje opgehangen. Kijk goed... zo hang je eraan, je pikt wat in het vet naar een zaadje en je hapt het op.
Kijk maar hoe ik het doe."
En het jong deed alles na!!!!
Toen ben ik in het mezenkastje gaan kijken: LEEG!!! Zo leeg als ... een EMPTY NEST!
















En nu heb ik dus een empty nest syndroom.

Morgen zal ik jullie alles vertellen over de vakantie.....
Nu moet ik even bijkomen!
Ik tuur de buurt af of ik mijn kleine vriendjes nog ergens zie...
















.