.

Het buffet gaat open: gebakken karper, gerookte forel, licht gebakken zalm, veel groentes en salades en zelfs polenta (daar was mijn moeder altijd gek op). Schwarzbrot mit Kürbishkernöl.
Stukjes kip en allerlei vlees, waar ik geen verstand van heb, maar alles is verrukkelijk klaargemaakt, vers en smakelijk.
Daar komt de band: het zijn twee mannen: de één met een gitaar en de ander met een accordeon. Ze weten ons met pittige volksmuziek helemaal op te zwepen.
Emmi (bijna 80) zegt, dat ze in niet geweten heeft, dat we zo goed konden feesten... Ze klapt enthousiast in de handen. “Hoppa”, roept ze er steeds bij. Haar bruine oogjes glimmen van de pret.
.JPG)
Ik doe met haar mee. Ze zegt, dat ik echt “Uhlen-blut” heb.
We dansen, soms met z'n tweeën, dan weer met z'n drieën op een vierkante meter...
Langzaamaan wordt het donker. De kaarsjes op de tafels worden aangestoken. Er komt Apfelstrudel en ander gebak op tafel.
En nog meer wijn.
.JPG)
Ik heb enorm veel lol. Met Dima (een Russische jongen, die een soort van aan is komen waaien) oefen ik echte Steirische woorden en uitdrukkingen.
"Die Wahhhnsinnnnn... of Flüpst di Os..."
Ook hij heeft een slokje teveel op. Maar dat komt door de wodka, die hij meegenomen heeft.
Daar waag ik me niet aan. Mij te sterk...
.JPG)
Henry en ik zingen het lied nog een keer "Stars shining bright above you..."
Het klopt: de hemel is bezaaid met sterren.
Als de kaarsjes bijna opgebrand zijn gaat iedereen z’n bedje opzoeken: in tentjes, op zolder, in de kelder... overal slapen mensen.
Wij lopen met een lantaarntje naar het Gasthof, waar we logeren.
Nagenietend. Soms een beetje gniffelen. Allebei een slokje op.
De volgende morgen regent het stijpepelen, eh... pijpestelen...
Henry en ik gaan zwervend met het tentje terug naar huis, eerst Zwitserland, dan Frankrijk.
Ik heb ook altijd geluk!
.